Recht op bescherming tegen uitbuiting: iets meer


Kinderen moeten beschermd worden tegen economische uitbuiting en tegen het verrichten van werk dat:
• gevaarlijk of schadelijk voor de gezondheid is
• de opvoeding kan hinderen
•de lichamelijke, geestelijke, intellectuele, morele of maatschappelijke ontwikkeling van het kind kan hinderen.


De staat moet daarom minimumleeftijden vastleggen voor de toelating tot betaald werk, aangepaste werktijden en arbeidsvoorwaarden voorzien voor kinderen en passende straffen voorzien bij niet-naleving van de uitvoering van dit artikel.

De staat moet het kind beschermen tegen alle andere vormen van uitbuiting die schadelijk zijn voor het welzijn van het kind. Hierbij wordt gedacht aan kinderen met bijzondere talenten in sport of kunst, die vaak door hun ouders of door anderen, gedwongen worden deze talenten te ontwikkelen, ten koste van de algemene fysieke en mentale ontwikkeling. Ook uitbuiting van kinderen door de media (door bekendmaking van de identiteit van slachtoffers of daders) of uitbuiting van kinderen in bepaalde vormen van onderzoek en experimenten, vallen onder deze bescherming.