Wat is de betekenis van het recht op onderwijs en informatie?
De staat eerbiedigt de verantwoordelijkheden, rechten en plichten van de ouders of van de anderen die wettelijk verantwoordelijk zijn voor het welzijn en de opvoeding van het kind De ouders hebben geen absolute rechten over hun kinderen, zij mogen enkel rechten uitoefenen als deze in het belang van het kind zijn. Ouders en kinderen moeten respect voor elkaar hebben.
Elk kind moet ook toegang hebben tot informatie uit de massamedia en in het bijzonder informatie en materiaal gericht op het bevorderen van zijn opvoeding. Het kind moet bij de uitoefening van dit recht steeds beschermd worden tegen informatie en materiaal die schadelijk zijn voor zijn of haar welzijn.
Elk kind heeft recht op gratis en verplicht basisonderwijs. De staat moet alle vormen van secundair onderwijs stimuleren, toegankelijk maken voor ieder kind en zonodig financiële bijstand bieden. Hoger onderwijs moet toegankelijk gemaakt worden naargelang de capaciteiten. De staat moet informatie over studie- en beroepskeuze beschikbaar stellen. De staat moet maatregelen nemen om het regelmatig schoolbezoek te bevorderen en het vroegtijdig stoppen met school te verminderen. Het handhaven van de discipline op school mag de rechten van het kind niet in het gedrang brengen.
Het onderwijs van het kind moet gericht zijn op de zo volledig mogelijke ontplooiing van de persoonlijkheid, talenten en geestelijke en lichamelijke vermogens van het kind. Verder moet het onderwijs gericht zijn op het bijbrengen van eerbied voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, en voor de in het Handvest van de Verenigde Naties vastgelegde beginselen. Andere principes die het onderwijs dient bij te brengen zijn respect voor de ouders en voor de eigen culturele identiteit, taal en waarden én voor de nationale waarden van het eigen land en andere landen. Het onderwijs moet kinderen voorbereiden op het leven in een vrije samenleving in de geest van begrip, vrede, verdraagzaamheid, gelijkheid van geslachten en vriendschap tussen alle volken, etnische, nationale en godsdienstige groepen. Het onderwijs moet eerbied bijbrengen voor de natuurlijke omgeving.
De staat erkent dat elk kind dat verdacht wordt van, vervolgd wegens of veroordeeld wordt voor het plegen van een strafbaar feit, recht heeft op een menswaardige behandeling, rekening houdend met de leeftijd van het kind en met de wenselijkheid van herintegratie. Elk kind heeft recht op alle rechtsgaranties.