Wat is de betekenis van het recht op privacy?
Elk kind heeft het recht op bescherming door de wet tegen zodanige inmenging of aantasting van zijn of haar leefwereld. Anderen mogen zich niet zomaar, zonder wettelijke basis of willekeurig, bemoeien met het privé-leven of het gezinsleven van het kind, zij mogen de briefwisseling niet openen of de leefruimte van het kind niet betreden. Elk kind moet ook beschermd worden tegen roddels (de aantasting van zijn eer en goede naam).
Het recht op privacy geldt in alle levensdomeinen: gezin, school, instellingen, gevangenissen, enz. In instellingen en gevangenissen mag de fysieke bewegingsruimte niet beperkend werken voor de privacy.
Alle gegevens over het kind die in functie van administratie voor de overheid, gevangenissen, welzijnsinstellingen, onderwijs of andere bekomen zijn, moeten beveiligd zijn. Het kind moet weten dat er informatie over hem bewaard wordt, door wie en waarom deze informatie bewaard wordt en moet toegang hebben tot deze informatie. Bij het doorgeven van informatie dient een mogelijke stigmatisering van het kind vermeden worden.
Het kind moet ook in het bijzonder beschermd worden tegen roddels en/of beledigingen die via de media verspreid worden. Ook advertenties over het kind die in functie van adoptie verspreid worden, kunnen de privacy van het kind schenden.
Het briefgeheim kan enkel geschonden worden in bepaalde gevallen, door de wet bepaald. Het recht op privacy geldt ook voor andere media zoals telefoon, fax, e-mail, sms, enz.