Recht op spel
Info
Als kind moet ik kunnen spelen. Ik leer al spelend. Ik sport en krijg frisse lucht. Ik maak vrienden en leer anderen kennen. Spelen helpt me om gelukkig te zijn. Ik moet ruimte hebben om te spelen. Een speelpleintje of een voetbalveld bijvoorbeeld, of een speelstraat. Ik moet ook de kans krijgen om deel te nemen aan activiteiten. Een speelpleinwerking, een sportkamp, een film of een bezoek aan een tentoonstelling.
Jij kan misschien niet op straat spelen omdat het niet veilig is. Of je moet zo veel werken dat je geen tijd hebt om te spelen. Sommige kinderen moeten heel de dag in fabrieken werken. Of ze worden gebruikt als slaaf. De kinderrechten verbieden dit.
Als jij naar school gaat moet je ook vakantie en vrije tijd hebben. Naast schoolgaan en huistaken moet je ook tijd hebben voor ontspanning. Vrije tijd is geen luxe. Vrije tijd is een recht.
Wij kunnen er mee voor zorgen dat andere kinderen kunnen spelen. Kinderen met een beperking bijvoorbeeld. Maar we kunnen ook samen met onze klas of met ons gezin zorgen dat we geen tapijten kopen die door kinderarbeid zijn gemaakt waardoor de kinderen geen tijd meer hebben om te spelen.
Tekening